App Nederland Feest - en gedenkdagen 


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

Kerstmis - feest

Info Contact Home

Kerstmis (veelal zo aangeduid door katholieken), kerst (feest) (veelal zo aangeduid door protestanten) of het geboortefeest van de Heer, is een belangrijk christelijk feest in het kerkelijk jaar. Met Kerstmis wordt door christenen de geboorte van Jezus Christus gevierd. De evangeliën van Lucas en Matteüs beschrijven de geboorte van Jezus. Vooral Lucas geeft brede aandacht aan de geboorte van Jezus in Bethlehem.

Het kerstfeest wordt in de westers-christelijke wereld en in sommige Kerken van het Oosters christendom gevierd op 25 december. In die Oosterse kerken die de Juliaanse kalender gebruiken voor de liturgische kalender (zoals de Russisch-orthodoxe Kerk), wordt het 13 dagen later gevierd. In veel streken zijn er tevens speciale vieringen op de avond ervoor (kerstavond, middernachtsmis) en/of op de dag erna. In West-Europa wordt 25 december als eerste kerstdag en 26 december als tweede kerstdag beschouwd.

Verschillende elementen in de wijze waarop men Kerstmis viert gaan terug op voorchristelijke en Germaanse tradities. Het feest is in de recente geschiedenis in grote delen van de westerse wereld in hoge mate geseculariseerd.

Hoewel Pasen theologisch gezien veel belangrijker is, wordt buiten de Liturgie het kerstfeest in het Westen veel nadrukkelijker gevierd. In het christelijke Oosten is ook buiten de Kerk het Paasfeest belangrijker en speelt daarnaast het feest van Epifanie (Driekoningen) een belangrijkere rol.

De Germanen vierden rond Midwinter (21 december) reeds midwinter- of joelfeesten (winterzonnewende) waarbij het boze werd verjaagd en het licht werd begroet. In de Scandinavische talen heet Kerstmis “Julen”.

In de vierde eeuw zorgden keizer Constantijn I de Grote en de bisschoppen van de uit vervolging bevrijde vroege Kerk ervoor dat Kerstmis op 25 december zou worden gevierd. Op deze datum werd rond de Middellandse Zee tot dan toe de zonnegod vereerd onder vele verschillende namen zoals Ra in Egypte en Helios in Griekenland. In het late Romeinse Rijk was dit vooral de zonnegod Sol Invictus (=de onoverwinnelijke zon). Omdat Jezus het Licht van de Wereld genoemd werd, zou Constantijn I - volgens bepaalde auteurs - hebben besloten dat de geboorte van Christus op deze dag gevierd zou moeten worden. Bovendien - en dit feit is invloedrijker geweest bij de opkomst van de viering van de geboorte van Christus als Kerstmis - waren de dagen rond 25 december reeds de vrije feestdagen der saturnaliën.

Kerstnachtdienst: op kerstavond en eerste kerstdag vindt er in veel kerken een kerstnachtdienst plaats. Het is vaak een van de drukste kerkdiensten van het jaar in vele kerken, zowel in de protestantse als in de katholieke kerken.

Kersttoespraak: op eerste kerstdag houden diverse staatshoofden en monarchen een kersttoespraak die vaak uitgezonden wordt op radio en televisie. Ook de Paus in Rome houdt bij de Sint-Pietersbasiliek een kersttoespraak, geeft zijn zegen en wenst iedereen een zalig kerstfeest, vaak in verschillende talen.

De kerstboom (een spar, en geen dennenboom) gaat terug op een vruchtbaarheidssymbool. Over de ouderdom van het gebruik als kerstboom lopen de bronnen zeer uiteen. Waarschijnlijk hadden reeds de Germanen voor de kerstening rond de tijd van winterzonnewende (het joelfeest of Yule) een altijd groene boom in huis of op het erf. Vanwege deze heidense wortels heeft de Rooms-katholieke Kerk de boom lange tijd geweerd uit het christendom.

Luther verklaarde begin zestiende eeuw de kerstboom tot symbool van de geboorte van Jezus. Eerst stond de boom alleen nog in de kerken; eind 19e eeuw haalde men hem, allereerst in protestantse landen, alsnog de huiskamer binnen.

De kerstboom herinnert de christen volgens Luther aan de boom in het paradijs; de kerstboomballen aan de vruchten waarvan Adam en Eva aten. De piek in de boom staat voor de ster die de Wijzen de weg wees naar de geboorte­plaats van Jezus; soms wordt de piek daarom door een ster vervangen. De katholieken gaven eerder aan de kerststal, eventueel met groene versieringen, de ereplaats in huis, pas sinds 1982 staat er in het Vaticaan ook een kerstboom. Protestanten weerden echter in het algemeen de beelden van de kerststal, vanwege hun beeldenverbod, vandaar had de kerstboom bij hen meer succes.

Overigens bestond er rond de zomer en winter groene naaldboom in de warmere, zuidelijke katholieke landen ook geen voorgeschiedenis of heidense folklore zoals in de Germaanse noordelijke landen.

De kerstster is rechtstreeks terug te voeren op het kerstverhaal, zoals dat in het evangelie van Matteüs wordt beschreven. De Ster van Bethlehem gaf de plaats aan waar de Koning der Joden geboren zou zijn. De drie wijzen zouden volgens Matteüs deze ster volgen om via koning Herodes het kindje Jezus te bezoeken om deze geboorteplaats vervolgens te openbaren aan Herodes zodat het kindje gedood kon worden. De wijzen kwamen niet terug naar Herodes, dus gaf deze de opdracht tot de Kindermoord van Bethlehem opdat de geprofeteerde Messias hierbij zou omkomen. De Verlosser van het joodse volk zou immers als aangekondigde koning heersen, en Herodes achtte dit een bedreiging van zijn invloed. Hiermee is de kwade aard van deze ster theologisch bepaald.

Het ontsteken van kaarsen en ander licht heeft overigens evenzeer met oude voorchristelijke midwintertradities te maken. Ook als plant is de Euphorbia pulcherrima bekend als kerstster vanwege de rode bloemen die lijken op een ster.                                                                              


De geboorte van Jezus.


De geboorte van Jezus staat in Lucas 2:6-7. In de Statenvertaling van de Bijbel luidt deze tekst:

“En het geschiedde, als zij (Maria en Jozef) daar waren, dat de dagen vervuld werden, dat zij baren zou. En zij baarde haar eerstgeboren Zoon, en wond Hem in doeken, en legde Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg.”


Jezus werd volgens het evangelie aan het einde van het Joodse (of Romeinse) jaar geboren, maar door de kalenderwijzigingen en de verschillen in tijdrekening wordt de overzetting niet zeer accuraat geacht, te meer daar ook melding gemaakt wordt van kudden schapen in lagere (en dus warmere) velden rond Bethlehem. Het weiden van schapen in Palestina is rond 25 december thans weliswaar zeldzaam, maar toentertijd niet geheel onmogelijk - de schapen die voor de offerdienst in de Joodse tempel gefokt werden, graasden het hele jaar door, ook in de omgeving van Bethlehem (Beth Lechem- huis van het brood). Bovendien is de maand december in Palestina niet zo koud. De datum is dan ook niet met zekerheid als niet-authentiek te bestempelen, want uit de oude christelijke liturgieën - die van vóór de vierde eeuw - stamt reeds de viering van Driekoningen (6 januari) in dezelfde wintertijd. Sextus Iulius Africanus noemt de geboorte van Christus als vallende op 25 december, in een van zijn geschriften gedateerd op 221 n.Chr.

Kerstmis is tot het voornaamste feest in het jaar geworden. De huidige tradities rond het kerstfeest zijn van land tot land verschillend, zoals ze ook lang niet allemaal even oud zijn. Het woord 'Kerstmis' betekent eigenlijk 'Christus-mis', omdat dit feest gewijd is aan de geboorte van Jezus die de christus (de gezalfde) wordt genoemd. Het woord 'kerst' is uit het woord christus ontstaan; zo betekent "kerstenen" bijvoorbeeld "christelijk maken". De Mis is de christelijke viering van het offer van de Eucharistie, waarin aan het einde van de dienst gezegd of gezongen wordt "Ite Missa est" (vert. Gaat het is de heenzending of: Gaat het offer is voltrokken).

De kerststal is een idee van Franciscus van Assisi die in 1223 een levende kerststal in het dorp Greccio (Italië) opzette. Het idee komt voort uit de vertalingen van het Evangelie volgens Lucas, waarin staat dat Jezus in een kribbe gelegd werd, omdat er geen plaats was in de herberg. De plaats van een kribbe is de stal, wat een logische keuze lijkt als de herberg zelf vol is. Vooral in katholieke gezinnen is het gebruikelijk een kerststal neer te zetten.

Een andere traditie laat de geboorte plaatsvinden in een grot. Dit gegeven gaat terug op Justinus de Martelaar (± 150 na Christus) die schreef: "Omdat er voor Jozef niets te vinden was om de nacht door te bren­gen, ging hij maar zolang een grot binnen dichtbij Bethlehem". Justinus baseert zich op Jesaja (33,16): "Hij zal wonen in een hoge spelonk van een sterke rots". Deze zin betrekt Justinus op Jezus. Hoewel de tradities duidelijk verschillen, zijn hun afkomsten niet noodzakelijk in tegenspraak. In het Nabije Oosten werden in die tijd en later grotten inderdaad als stal gebruikt (voor het uitrusten van een lange schaapsherderdag) : er bestonden zelfs hele woonhuizen en zelfs dorpen die in rotsen uitgehakt waren.

+

+

De aanbidding door de herders bij de pas geboren Jezus, 1622.  

Schilder: Gerard van Honthorst. Bron: Wallraf-Richartz-Museum & Fondation Corboud

Kerstavond/nacht in de Geboortekerk te Bethlehem.

Foto: Donatus (Darko Tepert)

Kerstster.

Euphorbia pulcherrima, is bekend als kerstster vanwege de rode bloemen die lijken op een ster.

Foto: André Karwath aka Aka

Kerststal in München, Duitsland.

Foto: Richard Huber

Versierde Kerstboom.

Foto: Malene Thyssen (Denemarken, 2004)

TOP

Kerststukje met kalenderkaars.

Foto:  Tomasz Sienicki