App Wereld Uitvindingen & Ontdekkingen

Buskruit, dynamiet, vuurwerk, kanon, musket, pistool

Buskruit is een explosief mengsel dat gebruikt wordt om projectielen af te schieten, om vuurpijlen voort te stuwen en als uitstootlading in kanonnen.

Buskruit is een explosief mengsel dat gebruikt wordt om projectielen af te schieten, om vuurpijlen voort te stuwen en als uitstootlading in kanonnen. Ook werd het, met name vroeger, in de mijnbouw gebruikt. De eerste beschrijving van echt buskruit komt voor in de militaire encyclopedie 'Wu Ching tsung Yao' (ca. 11e eeuw). In het jaar 1232 werd buskruit gebruikt door de Mongolen. Het belangrijke en lastig te vinden of te maken ingrediënt salpeter (algemene benaming voor een viertal verschillende metaalzouten) is zeer waarschijnlijk wel aan de Chinezen ontleend. De Arabieren kenden in 1240 het salpeter als 'sneeuw van de Chinezen'. Eeuwenlang is buskruit daarna gebruikt in steeds vernuftiger wordende vuurwapens. We onderscheiden rookzwak kruit dat in moderne munitie wordt gebruikt, en het ouderwetse zwarte buskruit. De explosieve kracht van zwart kruit is betrekkelijk gering. De verbranding vindt snel plaats, maar wordt pas explosief als het kruit opgesloten is in een kleine ruimte. Het verbrijzelt naastliggende structuren niet (wat in de mijnbouw een voordeel kan zijn) maar duwt ze weg. Ook verraadt de grote rookwolk onmiddellijk de plaats van de explosie. Buskruit kan wegens het ontbrandingsgevaar alleen nat worden gemalen (gemengd met water in een zogenaamde kogelmolen). Na droging is het buskruitmengsel gemakkelijk tot ontbranding te brengen, een elektrostatische ontlading of een flinke stoot die flink wat wrijvingswarmte veroorzaakt kan hiervoor genoeg zijn. De hevigheid van de explosie hangt zowel af van de mengverhouding als van de korrelvorm- en grootte.

Een vuurpijl is een kleine raket, aangedreven door de verbranding van een sas (mengsel dat snel of zelfs explosief kan verbranden onder het afgeven van geluid-, licht-, kleur-, vonk- of rookeffecten), wat hete gassen onder hoge druk oplevert die door een vernauwde uitstroomopening de verbrandingskamer met hoge snelheid naar achteren verlaten, daarbij de vuurpijl voortstuwend. Het klassieke aandrijfmiddel (sas) voor vuurpijlen is zwart buskruit. Vuurpijlen waren een van de vroegste toepassingen van buskruit, en werden reeds zeer lang geleden (300 jaar voor onze jaartelling) door de chinezen gebruikt. Vanaf de 11e eeuw ook in militaire toepassingen. Omdat de druk op het omhulsel bij een vuurpijl lager moet zijn dan bij een kanon of ander vuurwapen gaat de toepassing van vuurpijlen vooraf aan die van de vuurwapens, waarvoor een hogere ontwikkeling van de metallurgie (metaallegering maken) noodzakelijk is. In het westen maakten we voor het eerst kennis met vuurpijlen in 1453 toen ze door het Ottomaanse leger werden gebruikt bij het beleg van Constantinopel. Nog tot enige eeuwen daarna waren ze in het westen niet meer dan een curiositeit. De vuurpijl dient typisch als transportmiddel: van een explosieve lading in de strijd, een vuurwerklading met visuele effecten en/of knallen als vuurwerk en een dunne lijn bij het overschieten van reddingsmiddelen naar in nood verkerende schepen. Het omhulsel moet zo licht mogelijk zijn om de pijl zo ver mogelijk te laten vliegen, maar anderzijds sterk genoeg om de druk van de bij de verbranding ontstaande gassen te weerstaan.

Vuurwerk is een constructie van materialen zoals karton, papier, plastic en metaal, met daarin ontplofbare en/of brandbare mengsels van chemische stoffen (ook wel sassen genoemd) verwerkt, die bij ontsteking verschillende effecten veroorzaken, zoals licht, geluid, rook of beweging. In vuurwerk wordt vaak buskruit gebruikt. Vuurwerk is waarschijnlijk ontdekt door de Bengalen (land Bangladesh) vandaar het 'Bengaals vuurwerk', maar werd pas op grote schaal gebruikt door de Chinezen. Zij gebruikten het bij religieuze gebeurtenissen om boze geesten te verdrijven. Militairen gebruiken vuurwerk ook wel eens voor verlichting van terreinen of het geven van signalen. De Chinezen beschikten zeker vanaf de vroege 13e eeuw over buskruit, het belangrijkste bestanddeel van vuurwerk. Vlak nadat de Chinezen het buskruit hadden ontdekt, deden ze er al proeven mee. Hieruit kwamen verschillende soorten vuurwerk voort. Het Chinese vuurwerk werd vooral gemaakt in de stad Liu Yang, waar wetenschappers werkten aan de speciale effecten en kracht van het explosief. Vuurwerk vond na de ontdekking snel zijn weg naar Europa. Daar werd het ontvangen met groot vertoon, aan menige hoven werden spektakels met vuurwerk opgevoerd, onder meer aan het Hof van Versailles in Frankrijk. Tijdens de jaarwisseling van 2008 naar 2009 zijn in Nederland in totaal 23 ogen volledig blind geworden ten gevolge van vuurwerk; terwijl er 14 ogen operatief moesten worden verwijderd. Oogartsen behandelden in totaal 269 ogen van 232 patiënten. Een derde van deze ogen is blijvend ernstig beschadigd.

Buskruit in wapens. Kanon is de verzamelnaam voor een aantal stukken geschut dat een projectiel in een nagenoeg rechte baan op het doel afschiet. Geschut van dit type wordt ook wel vlakbaangeschut genoemd (in tegenstelling tot krombaangeschut of worpgeschut, dat projectielen over hindernissen heen kan schieten). Het moderne kanon is omstreeks 1350 in Italië uitgevonden, dankzij de uitvinding van het buskruit in China, dat door ontdekkingsreizigers naar Europa was meegenomen. De oudste betrouwbare bron vermeldt de vervaardiging van bronzen kanonnen en ijzeren kogels in 1326 voor de verdediging van Florence, Italië. Een vroege vorm van het kanon is de bombarde. Een bombarde (Grieks:bombos = gedreun, geraas) of pothond is een belegeringswapen dat voor het eerst, in het Westen, in de 14e eeuw wordt gebruikt. Het heeft de vorm van een holle cilinder die erg op een langwerpige ton verstevigd met ijzeren hoepels lijkt; de bombarde wordt geladen via de loop. Het wapen wordt op een massief houten blok geplaatst en vuurt projectielen van ijzer of steen af die worden voortgestuwd door de kracht van het ontploffend buskruit. Het laden van een bombarde neemt heel wat tijd in beslag en is niet zonder gevaar voor zijn bedieners. Het woord bombardement herinnert ons aan dit middeleeuws wapen. Karel VIII van Frankrijk was een van de eersten die met succes kanonnen gebruikte. Tijdens zijn campagne om het Koninkrijk Napels (1494/1495) onder zijn gezag te brengen, haalde hij de hoge muren van de Italiaanse steden probleemloos neer.

De uitvinding van het kanon heeft een belangrijke betekenis gehad: forten en vestingen in de oude kasteelvorm waren na de introductie van het kanon geen veilige schuilplaats meer voor ridders en lokale heersers. Ten tijde van de invoering ervan was het kanon het zwaarste wapen wat een leger tot zijn beschikking had. Tot in de Tweede Wereldoorlog was het kanon een belangrijk wapen, zowel te land als ter zee. Al tijdens WO II begonnen vliegdekschepen, bommenwerpers en 'zelfaandrijvende' granaten (ofwel raketten met een explosieve lading) aan belang te winnen. Een hoeveelheid brandstof voor een raketmotor is nu eenmaal veel gemakkelijker te vergroten dan de voortdrijvende lading van een granaat, waarbij ook het afschietende kanon steeds groter moet worden. Kanonnen zijn in de loop der tijd in vele uitvoeringen gemaakt, zowel voor de aanval als voor de verdediging. De grootste kanons vinden we op slagschepen, waar een kaliber van een kleine halve meter niet ongebruikelijk was. Het gemechaniseerd geschut en veel uitvoeringen van de tank zijn in wezen mobiele kanonnen. Een kanon bestaat uit een schietbuis, een onderstel (affuit) en richtmiddelen. Afhankelijk van de manier waarop het kanon geladen wordt, spreken we van voorladers dan wel achterladers. Bij een voorlader worden achtereenvolgens het kruit, een prop en het projectiel via de voorste opening geladen. Bij achterladers kan een granaat inclusief een huls waarin een ontsteker en het kruit zijn ondergebracht, met een enkele handeling via de achterzijde worden geladen.


Het musket was een primitief vuurwapen, de opvolger van de haakbus. Die waren aanvankelijk zo zwaar dat ze op een fourquet (vork) steunden (oud Nederlands: furket). Ze werden ontstoken met een brandende lont. Later werden de musketten handelbaarder en er werd een ontstekingsmechanisme ontwikkeld dat met een stukje vuursteen werkte. Weer later werd dit vervangen door een slagsysteem, met een slaghoedje, door er druk op uit te oefenen. Deze manier van ontsteken was minder gevoelig voor vocht en regen dan de twee voorgaande. Het musket had een gladde loop, en schoot doorgaans ronde, loden kogels af, die de soldaten zelf goten in een zogenaamde kogelgiettang. Om de verwondingen groter te maken, werden soms de kogels ingesneden, of werden ze per twee door middel van een metalen staafje met elkaar verbonden. Er kon ook met schroot of hagel worden geschoten. Het wapen sproeide dat in een kegelvormig patroon in de richting van de vijand, waardoor niet nauwkeurig hoefde te worden gericht (op korte afstand heel effectief). Pistolen zijn aan het begin van de 16e eeuw in de Toscaanse stad Pistoia ontstaan. Het pistool dankt zijn ontstaan aan de uitvinding in 1517 van een nieuw model ontstekingsmechanisme dat met een stuk vuursteen werkt, in plaats van de tot dan toe gebruikelijke lont. Aanvankelijk kon met een pistool slechts een enkel schot gelost worden. Een revolver is een vuistvuurwapen waarmee meerdere schoten kunnen worden gelost. Kenmerkend aan de revolver is de trommel met een aantal kamers (vaak 6) waarin de patronen zich bevinden.


Dynamiet is een explosief dat is gebaseerd op de explosieve kracht van nitroglycerine, waarbij diatomeeënaarde als absorberend middel wordt gebruikt. Het werd uitgevonden door de Zweedse chemicus Alfred Nobel (1833-1896) in 1866. Nitroglycerine is een zeer krachtige maar gevaarlijke springstof die bij de bereiding en het vervoer gemakkelijk (en vaak onbedoeld) explodeert. Nobel ontdekte dat de gevoeligheid van het materiaal belangrijk kon worden verminderd door het te laten opzuigen in een poreuze stof, zoals zaagsel of diatomeeënaarde. Diatomeeënaarde is een poreuze grondsoort, bestaande uit de skeletjes van eencellige diatomeeën of kiezelwieren (uit zee). De zo verkregen substantie noemde hij dynamiet (van het Griekse woord dunamis, dat krachtig betekent). Deze ontdekking maakte hem zo rijk, dat hij in staat was de Nobelprijzen in te stellen in zijn testament. Dynamiet wordt meestal aangeboden in de vorm van staven, ongeveer 2,5 cm in diameter en 20 cm lengte. Om ze te laten detoneren (exploderen) is onder normale omstandigheden een detonator nodig. Dynamiet is waterbestendig, zodat het onder het grondwaterniveau gebruikt kan worden. Dynamiet kan zeer gevaarlijk worden bij temperaturen hoger dan 35°C omdat het nitroglycerine dan begint uit te zweten. Een detonator is een hulpmiddel om een op zichzelf stabiel explosief, te laten ontploffen. De detonator (hoog explosief materiaal als loodazide) wordt verbonden met bijvoorbeeld een lont of een elektriciteitsaansluiting en geplaatst in of direct bij het explosief.



  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

TOP

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

Donderbus met vuursteenslot, vervaardigd ten tijde van George IV (1820-1830) in Engeland. Derhalve met de typische kenmerken van een Towermusket. Op de kolf is een 'W' ingebrand.

Bron: Tropenmuseum, part of the National Museum of World Cultures

Musket model uit 1777.

Bron: Mousqueton modèle 1777, mod. An IX. Rifled, 18.5 mm. Service weapon of the gendarmerie of Vaud between 1803 and 1806. On display at Morges military museum, accession number 1003555. Auteur: Rama.

Pistool dubbelloops uit 1760.

Bron: Présenté au musée de l'Ardenne. Foto: G.Garitan

Bronzen scheepskanon, achttien ponds kogels, opgedoken door Duikteam Equador, Terschelling.

Foto: Gerritse at nl.wikipedia

Kanon bij de stadspoort van Grave ( niet gedateerd).

 Foto: Arch

Lotterywest Skyworks, Applecross, Western Australia.

Foto: Nachoman-au

Buskruit in een glazen pot. Moskou, Rusland.

Auteur: Lord Mountbatten

Buskruitmolen in het Waterkracht Museum, Dimitsana, Griekenland. De door water aangedreven trommel links, draait de nokkenas, die de verticale balken optilt en die vervolgens laat neervallen waardoor het groffe buskruitpoeder wordt fijn gestampt, dat zich in putten in de vloer onder de vertikale balken bevindt.

Schematische verduidelijking van de foto buskruitpoedermolen hierboven.

Bron: Original image description from the Deutsche Fotothek Mechanik & Mühle & Pulvermühle & Wassermühle & Wasserrad

Opgeslagen vaten met buskruit in de Martello Tower bij Tower Point, Pleasant Park, Halifax (Nova Scotia, Canada).

Auteur: Grmike at en.wikipedia

Info Contact Home