App Wereld Muziek (klassieke muziek)

Twintigste eeuw muziek

Klassieke muziek uit de 20e eeuw, de Europese klassieke muziek van na 1900 heeft een wijde variatie, beginnend bij de late romantische stijl van Sergei Rachmaninoff, het impressionisme (wat betreft inhoud en techniek was het impressionisme een reactiebeweging tegen de heersende conservatief-classicistische opvattingen van de salonjury's) van Claude Debussy en Maurice Ravel, en vervolgd door het Neo-Classicisme (stroming in de kunst waarin opnieuw de vermeende puurheid van de klassieken werd nagestreefd) van Igor Stravinsky tot aan het tegengestelde serialisme (een gecodeerde rij -serie- van waarden voor alle muzikale parameters) van Pierre Boulez, de minimale muziek (kenmerken: herhaling of stilstand, een accent op consonante samenklanken en een duidelijk tempo) van Steve Reich en Philip Glass, de Musique Concrète (alledaagse geluiden die met behulp van elektronica worden verwerkt tot composities en geluidscollages) van Pierre Schaeffer, de microtonale muziek (verzamelnaam voor een aantal uiteenlopende muzieksoorten die gebruik maken van toonstelsels die afwijken van wat gebruikelijk is in de westerse muziek) van Harry Partch en de aleatorische muziek (waarbij bewust gebruik wordt gemaakt van toeval en onberekenbare factoren) van John Cage, de elektronische muziek van Karlheinz Stockhausen. Als algemene overeenkomst van al deze verschillende genres is het toenemende gebruik van dissonantie (de samenklank wringt, is niet welluidend) in de compositie. Om deze reden wordt de 20e eeuw soms ook wel de dissonante periode genoemd.

Het impressionisme is een stroming in de geschiedenis van de klassieke muziek die in Frankrijk ontstond als reactie op de Late Romantiek. De stroming heeft sterke verwantschappen met de laat 19e eeuwse schilderkunst en literatuur. De stroming kwam tot bloei in de periode van circa 1870 tot 1910, en ging daarna min of meer over in expressionisme en serialisme. De impressionistische muziek is doorgaans sfeertekenend gecomponeerd. Waar in de romantiek nog meer de individueel ervaren emotie en persoonlijkheid voorop stonden, maken impressionistische componisten doorgaans de sfeer belangrijker dan de emotie. Ook liet het impressionisme in de muziek zich graag inspireren door de literatuur, bijvoorbeeld gedichten van Appolinaire en Verlaine. Veel liederen uit deze periode zijn ook op teksten van tijdgenoten, waar in de romantiek nog vaak werd teruggegrepen op oudere dichters en teksten. Ook de invloed van oosterse muziek werd groter. Tevens wordt de muziek intiemer, geen grote bezettingen met bombastische geluidsorkanen, maar subtiele klankvelden, die fijntjes en subtiel worden vormgegeven. In het late impressionisme verschijnen invloeden van de uit Amerika overgewaaide vroege jazz-cultuur. In de rest van Europa (dus buiten Frankrijk) wordt de stroming nauwelijks overgenomen of geïmiteerd.

1910-1945. In de muziek zijn er verschillende stijlen binnen het modernisme. Het Futurisme van Luigi Russolo was de eerste stroming die opriep tot een nieuwe muziek voor een nieuwe tijd. Later zou Edgar Varèse dit verder uitwerken. In Duitsland ontstond Arnold Schoenberg's expressionistische 12-toons atonaliteit, waarmee hij de 2e Weense School grondvestte, bestaande uit Schoenberg zelf en zijn leerlingen Alban Berg en Anton Webern. Voortbouwend op het impressionisme van Claude Debussy, ontstond in Frankrijk de Groupe des Six, waarvan Francis Poulenc, Arthur Honegger en Darius Milhaud de belangrijkste vertegenwoordigers waren. Igor Stravinsky en Béla Bartók nemen beiden een plaats op zich in: zij hebben in de loop van de jaren in diverse stijlen gecomponeerd. Toch is hun signatuur uniek en in elk werk duidelijk aanwezig, waardoor -onafhankelijk van de zogenaamde stijl- de luisteraar altijd Stravinsky, respectievelijk Bartók hoort. 1945-1970. Onder Avant-Gardisme wordt in de muziek verstaan: alle muziek die breekt met de (klassiek/romantische) traditie. In de muziek van de avant-gardisten ontbreken meestal dan ook melodie, harmonie en ritme. Het avant-gardisme kan worden gezien als een reactie van wantrouwen jegens de eigen, westerse cultuur, die in korte opeenvolging twee Wereldoorlogen voortbracht. In de gehele avant-gardistische kunst werd na de Tweede Wereldoorlog en sterke behoefte gevoeld om van voren af aan opnieuw te beginnen, en letterlijk alle waarden te herzien en te herdefiniëren.

Vanaf 1950. Aanleidingen tot het ontstaan van het serialisme waren: 1. de compositie Modes de valeurs et d'intensités van de Franse componist Olivier Messiaen, 2. een nieuw begrip van het dodecafone werk van de in 1945 overleden Anton Webern. Het serialisme begon feitelijk met het werk van de Belgische componist Karel Goeyvaerts en werd wereldberoemd door het werk van, en de propaganda daarover door, de Duitse componist Karlheinz Stockhausen en de Franse componist Pierre Boulez. Zij breidden het 12-toons idee van Schoenberg uit over alle 'muzikale parameters': toonhoogte, toonduur, toonsterkte, toonkleur. Zo ontstonden complexe schema's, die aan de composities ten grondslag lagen. Het serialisme betekende echter de definitieve breuk met het 'grote publiek', dat deze muziek moeilijk kon volgen zonder achterliggende kennis. Microtonale muziek is een verzamelnaam voor een aantal uiteenlopende muzieksoorten die gebruik maken van toonstelsels die afwijken van wat gebruikelijk is in de westerse muziek. Het normale westerse toonstelsel kan men zich het beste voorstellen aan de hand van het piano-klavier: van het ene octaaf naar het andere zijn steeds twaalf toetsen aanwezig, die even zoveel toonhoogten of tonen produceren. De afstand van de ene toets/toon naar de volgende noemt men een 'halve toon'; twaalf van die halve tonen maken samen een octaaf vol. In de microtonale toonsystemen is dat anders. Om van een bepaalde toonhoogte te komen op een toonhoogte die een octaaf hoger ligt, moeten meer, en vaak veel meer dan twaalf stapjes of treden doorlopen worden.

Dat betekent, logischerwijze, dat de afstand van een toonhoogte tot de eerstvolgende toonhoogte kleiner is dan in het gewone twaalftonige systeem. Een dergelijke kleinere afstand noemt men een microtoon, of -wat eigenlijk een beter woord zou zijn- microinterval. Er zijn talrijke methoden om met microtonen muzikale toonsystemen te bouwen. Min of meer bekende systemen zijn het kwarttoonsysteem (waarbij het octaaf in 24 kwarttonen verdeeld wordt) en het 31-toonssysteem (waarbij het octaaf wordt verdeeld in 31 kleine stapjes, die diëzen worden genoemd). Maar er zijn nog talloze andere systemen, bijvoorbeeld met 19, 43 en 53 tonen per octaaf. Voor de nu genoemde systemen geldt dat ze op een bepaalde manier nog een relatie hebben met het gewone, 12-tonige systeem en dat ze daarom in een aantal opzichten nog vrij vertrouwd in de oren klinken. Maar men kan ook andersom te werk gaan door een willekeurig microtonaal systeem te kiezen, de mogelijkheden daarvan wat betreft toonladders, intervallen, akkoorden, enzovoorts te onderzoeken en die te benutten in een muzikale compositie. Microtonaliteit is de wetenschap die zich bezighoudt met muzikale stemmingen en de 'tonen tussen de pianonoten' (halve toonafstanden). Ook ontwerpers van instrumenten richten zich bij de constructie van hun instrumenten op de harmonische samenhang van verschillende tonen en afstanden van bijvoorbeeld de snaarlengtes. Ook voor de piano-hamer gelden zeer specifieke afstanden om tot een perfect microtonaal resultaat te komen.


Minimal music

De term 'minimal music' is afgeleid van het concept minimalisme, dat bekend was uit de schilderkunst en beeldhouwkunst. In de eigentijdse klassieke muziek vanaf omstreeks 1970 wordt de term 'minimal music' gebruikt om een muziekstijl met de volgende kenmerken aan te duiden: 1. Herhaling (vaak van korte muzikale frases, met subtiele variaties gedurende een lange tijd) of stilstand (vaak in de vorm van lang aangehouden tonen), 2. een accent op consonante samenklanken, 3. een duidelijk tempo. De stijlvorm is ook overgenomen in de popmuziek, met name in de ambient en een aantal genres van de experimentele rock (post-rock) en in de dance omstreeks 1985. Het woord minimalisme werd voor het eerst gebruikt in de muziek in 1968 door Michael Nyman in een recensie van het stuk The Great Digest van Cornelius Cardew. Later breidde Nyman zijn definitie van minimalisme in de muziek uit in zijn boek Experimental Music: Cage and Beyond(1974). De meest prominente minimalistische componisten zijn Morton Feldman, John Adams, Philip Glass, Steve Reich en Terry Riley. De bekendste uit de Lage Landen zijn Simeon ten Holt en Wim Mertens. La Monte Young wordt over het algemeen aangemerkt als de "vader" van het minimalisme. Minimalistische muziek wordt dikwijls aangemerkt als toegankelijker dan serialisme en andere hedendaagse avant-garde stromingen. Van de muziek die 'minimal music' genoemd wordt bestaan vele variaties, in elk opzicht, van instrumentatie tot structuur tot techniek.

Eigentijdse muziek

Eigentijdse muziek ook wel hedendaagse muziek genoemd, is alle muziek die gemaakt is vanaf 1900. Waar rock-'n-roll en jazz muziekgenres waren zonder aanzien, hoofdzakelijk omdat het van oorsprong 'zwarte muziek' was, veranderde de culturele waardering voor popmuziek eind jaren zestig sterk. Toonaangevend waren The Beatles door als eerste een koppeling te maken tussen popmuziek en klassieke muziek: het liedje Yesterday was popmuziek met een klassieke benadering in uitvoering. In 1967 sloegen de Beatles wederom een brug tussen lage kunst (lowbrow art, kunst voor iedereen) en hoge kunst (highbrow art, kunst voor een elite) met het album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band, waarop wederom veel schakelingen met de klassieke muziek werden gelegd. Niet langer werd popmuziek als lage kunst en klassieke muziek als hoge kunst beschouwd. Binnen de eigentijdse muziek vallen: 1. eigentijdse klassieke muziek (Klassieke muziek van na 1975), 2. modern klassiek (Klassieke muziek vanaf 1900), 3. popmuziek, 4. experimentele muziek gemaakt na 1900, 5. wereldmuziek gemaakt na 1900. Veelal wordt vervangend de term popmuziek gebruikt, maar dat is niet altijd juist, omdat die impliceert dat alle hedendaagse muziek tevens populair is. Tevens kan gesteld worden dat modern klassieke stromingen als minimal music, Musique Concrète en soundscape tot de eigentijdse muziek gerekend kunnen worden, waar deze doorgaans niet tot de popmuziek gerekend worden. Ook veel wereldmuziek en experimentele muziek valt binnen de categorie eigentijdse muziek als deze na grofweg 1900 gecomponeerd is.


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

TOP Info Contact Home

+

+

+

+

Impressionistische muziek is doorgaans sfeertekenend gecomponeerd. Ook de invloed van oosterse muziek werd groter, vanwege toenemende kennis over Arabische, Indiase, Chinese en Hindoestaanse muziek. Een voorbeeld is Debussy's "Pagodes" (zie afbeelding), een stuk met Javaans-georiënteerde elementen (imitatie van Gamelan). Debussy's Pagodes, pagina 1, uit Estampes I.

Bron: PD

 ‘Liederen van Gurre’: De Gurre-Lieder (première 1913)  is een groots opgezette cantate voor 5 vocale solisten, een spreker, een groot koor en een groot symfonieorkest. Het is gecomponeerd door Arnold Schönberg die de tekst baseerde op gedichten van de Deense schrijver Jens Peter Jacobsen.

Foto: Wladimir1932

Igor Stravinsky, Russische componist, met Wilhelm Furtwängler, Duitse dirigent en componist.

Bron: George Grantham Bain Collection

Instrumenten gebouwd door Luigi Russolo.

Foto: uit zijn boek The Art of Noises, 1913.

Zicht op de Symphony Hall in Boston, MA (USA) in de ochtendzon. De Turangalîla-symfonie, gecomponeerd tussen 1946 en 1948, is één van de belangrijkste werken van de Franse componist Olivier Messiaen (1908-1992). De compositie werd geschreven in opdracht van dirigent Serge Koussevitzky voor het Boston Symphony Orchestra. De première vond plaats op 2 december 1949 onder directie van de jeugdige Leonard Bernstein.

Foto: Digfarenough.