App Wereld Muziek (klassieke muziek)

Componisten - 4 -

Frédéric François Chopin, 1810 - 1849, was een Pools componist en virtuoos pianist uit de romantiek en geldt als één der grootste toondichters uit de muziekgeschiedenis. In zijn vroege levensjaren stond hij bekend als wonderkind op de piano. In november 1830, twintig jaar oud, vertrok hij naar het buitenland. In Parijs leefde Chopin een geriefelijk leven als componist en pianoleraar. Hij gaf weinig concerten. Zijn oeuvre bestaat bijna geheel uit composities voor piano solo. Hoewel vele daarvan technisch zeer veeleisend zijn, karakteriseert zijn stijl zich door het benadrukken van subtiele nuance en expressieve diepte. Chopin bouwde diverse muzikale vormen verder uit zoals de ballade en het scherzo en was verantwoordelijk voor diverse innovaties in vormen als de pianosonate, wals, nocturne, etude, impromptu en prelude. Zijn ambitie als pianist en componist blijkt uit het feit dat hij reeds op zevenjarige leeftijd zijn eerste composities heeft kunnen uitgeven: een polonaise in g kleine terts en een polonaise in Bes grote terts. Op zijn achtste jaar gaf hij zijn eerste openbare concert. Chopin is de pianocomponist bij uitstek. Hij heeft zijn composities voor een deel geënt op Poolse muziek. In zijn mazurka's en polonaises vindt men Poolse invloeden terug. Daarnaast is hij ook zeer bekend om zijn ballades, nocturnes, etudes en walsen. De 24 Preludes van Chopin worden beschouwd als een mijlpaal in de klassieke muziek. Schijnbaar eenvoudige stukken die door vorm en toongebruik (alle toonsoorten worden systematisch gebruikt) een krachtig, maar breekbaar geheel vormen.

Robert (Alexander) Schumann, 1810 – 1856, was een Duitse romantische componist. Op zevenjarige leeftijd kreeg Robert Schumann zijn eerste pianoles. Zijn vader steunde de muzikale ambities van zijn zoon: er werd een vleugel aangekocht en zijn vader luisterde met plezier naar Roberts spel. Op twaalfjarige leeftijd schreef hij zijn eerste composities, de Psalm 150 en de Ouverture met koor voor solisten, koor en orkest met obligate pianopartij. Zijn tweede creatieve werkterrein was de literatuur: hij schreef al jong gedichten, toespraken en artikelen en had vanzelfsprekend in de boekhandel van zijn vader toegang tot de nieuwste werken van de bekende schrijvers en dichters van zijn tijd. Schumann schreef tot 1839 uitsluitend pianomuziek. Toen ontstonden de grote pianocycli, waarmee hij beroemd zou worden. 1840 was voor Schumann het jaar van de liederencycli: hij schreef 138 liederen, waaronder Liederkreis, op. 39, Frauenliebe und -leben, op. 42 en Dichterliebe, op. 48. Pas na het huwelijk werd de breedte van het compositorisch oeuvre vergroot. In 1841 ontstond de Symfonie Nr. 1 in Bes-groot, de zogenaamde "Lentesymfonie (Frühlingssinfonie)", op. 38. De première in het Gewandhaus te Leipzig onder leiding van Felix Mendelssohn-Bartholdy was een van de grootste successen in Schumanns carrière. 1842 werd het jaar van de kamermuziek van Schumann met de Drie strijkkwartetten, op. 41. Ten tijde dat hij met het wereldlijke oratorium Das Paradies und die Peri, op. 50 triomfeerde, liep het minder goed met zijn werk als compositieleraar aan het nieuwe conservatorium.

Franz Liszt, 1811 – 1886, was een Hongaars componist en geldt als één van de grootste pianovirtuozen aller tijden. Hij was tevens een succesvol pianoleraar, en een groot muziekhervormer; het symfonisch gedicht en het pianorecital worden aan zijn naam toegeschreven. Franz Liszt deelde zijn leven voornamelijk tussen Wenen en Parijs en later tussen Weimar, waar hij hofkapelmeester was, Boedapest en Rome, alwaar hij zijn wijding ontving, hetgeen hem de titel "abbé" (priester) verschafte. Reeds op zesjarige leeftijd bleek zijn grote muzikale begaafdheid. Een jaar later kon hij lezen en schrijven (zowel brieven als muziek) en reeds op negenjarige leeftijd gaf hij zijn eerste concert in Sopron, dat een groot succes werd. Hier vlak op volgend nam Ádám, die zijn zoon het pianospelen bijbracht, hem mee naar het Esterházy-paleis in Eisenstadt, om een tweede concert te organiseren voor prins Nicholas Joseph Esterházy. Nog aan het einde van het jaar werd in Pressburg een concert voor Hongaarse edelen georganiseerd. Ook dit concert was een enorm succes. De meeste van Liszts composities zijn berucht omwille van de hoge technische eisen die aan de pianist worden gesteld. Zijn werk omvat onder meer dertien symfonische gedichten (S.95 t/m 107), twee pianoconcerten (S.124 en 125) en diverse zeer uiteenlopende werken voor solo-piano. Tot zijn bekendere werk behoren de "Hongaarse Rapsodieën" (S.244), de Transcendentale Etudes (S.139), de "Faust-symfonie" (S.108), de Sonate in b mineur (S.178), de Dante Sonate (S.158) en de "Années de Pèlerinage" (S.160 t/m 163).

Giuseppe Fortunino Francesco Verdi, 1813 – 1901, was één van de grootste componisten van Italiaanse opera's, waarvan hij er in totaal zesentwintig schreef. Zijn werk was tijdens zijn leven zeer geliefd en is dat nog steeds. Op zijn 15e was hij de beste pianist van de provincie. Tussen zijn 13e en 18e jaar schreef Verdi honderden marsen en symfonieën voor kerken en academies en vijf of zes concerten met pianovariaties. Verder studeerde Verdi in die periode erg hard. Niet alleen op de muziek, maar hij bracht ook uren in de bibliotheek door en las daar alles wat hij tegenkwam Alfieri, Manzoni, Shakespeare maar vooral de Bijbel. Op 17 november 1839 werd de eerst opera van Verdi opgevoerd in La Scala: Rochester, ondertussen omgedoopt tot 'Oberto, Conte di San Bonafacio'. Het werd redelijke succesvol ontvangen (14 opvoeringen) en de muziek uitgever Giovanni Ricordi, kocht de rechten van Oberto en gaf hem uit. Verdi kreeg de opdracht tot het schrijven van een komische opera Un Giorno di Regno. De uitvoering van Verdi's opera Nabucco in 1842, in La Scala, werd een enorm succes en vestigde de naam van Verdi voorgoed tussen die van andere grote componisten. Verdi schreef vele beroemde opera's. In 1872 werd Aida voor het eerst uitgevoerd in het Teatro alla Scala, met groot succes. Verdi schreef het voor de Egyptische Khedive ter gelegenheid van de opening van een nieuw operagebouw in Caïro en niet, zoals vaak wordt gedacht, voor de opening van het Suezkanaal. In 1887 werd Otello uitgebracht, dat beschouwd wordt als de volmaakte Italiaanse tragische opera.

Wilhelm Richard Wagner, 1813 – 1883, was een Duits componist. Hij was een belangrijk vernieuwer in de muziek van zijn tijd. Hij componeerde als belangrijkste werken een aantal opera's die hij zelf liever als muziekdrama's aanduidde en waarvoor hij ook zelf de teksten (libretti) schreef. Hij streefde naar een Gesamtkunstwerk: de ideale vereniging van woord, muziek en toneelspel. Op den duur ontstonden daaruit zijn grootse muziekdrama's die uiteindelijk in een speciaal hiervoor gebouwd theater werden (en worden) opgevoerd in de Beierse stad Bayreuth. De jonge Richard Wagner had ambitie toneelschrijver te worden. In 1831 schreef hij zich echter in aan de Universiteit van Leipzig om muziek te studeren. In 1833 werd Wagner benoemd tot koormeester aan het theater van Würzburg en in hetzelfde jaar had hij zijn eerste opera, die Feen, af. Door schuldeisers op de hielen gezeten, vluchtte hij met zijn gezin in 1839 via Noorwegen en Londen naar Parijs. De lange stormachtige zeereis was een inspiratie voor de opera Der Fliegende Holländer die hij in 1841 schreef. Wagner beperkte zich niet tot componeren, hij was ook politiek actief. hij was jaloers op zijn collega-componisten die (naar zijn mening onterecht) gemakkelijke successen behaalden. Hij ageerde sterk tegen Joden en heeft een lang antisemitisch artikel Das Judenthum in der Musik (1850) geschreven. Wagner, als persoon en als musicus, blijft onderwerp van controverse en emotionele discussies; verafgoding en volstrekte verwerping komen allebei veel voor. Zijn betekenis als componist en muzikaal vernieuwer staat echter buiten kijf.




Info Contact Home

Johan Baptist Strauss jr., 1825 – 1899, was een Oostenrijks violist en componist van vele Walsen en operettes. Een paar van zijn beroemdste werken zijn An der schönen blauen Donau, de Kaiserwalzer, Wo die Zitronen bluhen, Wiener Blut, Künstlerleben, de Tritsch Tratsch Polka, Rosen aus dem Süden, Morgenblätter, Pizzicatopolka en de operettes Die Fledermaus en Der Zigeunerbaron. Johann jr. (door zijn familie doorgaans "Schani" genoemd) kwam uit een een muzikale familie. Zijn vader, de componist Johann Strauss sr., wilde niet dat hij musicus zou worden. Johann jr. studeerde als kind stiekem viool. Zijn vader, en broers Jozef en Eduard waren eveneens componisten, maar Johann jr. is met voorsprong de bekendste. De composities van Jozef en Eduard zijn weliswaar verdienstelijk te noemen, maar missen de geniale en verrassende wendingen van de composities van Johann jr.. Gedurende zijn leven was Johann jr. al bekend als de walskoning en de populariteit van de Weense wals is voor een belangrijk deel aan hem te danken. De Weense wals werd in de tijd waarin Johann Strauss jr. leefde voornamelijk in danszalen gespeeld. Het is uitsluitend aan Johann Strauss jr. te danken dat de Weense wals van het niveau van de danszaal naar het concertpodium getild werd. Hij streefde zijn vader als componist (met als beroemdste werk de Radetzky Marsch) snel voorbij en beleefde successen op tournees door Oostenrijk, Polen, Duitsland, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Italië. Hij werd gewaardeerd door prominente componisten uit zijn tijd, waaronder zijn vriend Johannes Brahms.

Johannes Brahms, 1833 – 1897, was een Duits componist, dirigent, organist en pianist. Zijn ouders zagen al snel zijn grote muzikale talenten en hij kreeg op zijn zevende jaar pianoles. Toen hij tien jaar oud was speelde hij de pianopartij in het pianokwintet opus 16 van Ludwig van Beethoven. Dit optreden werd bijgewoond door een Amerikaanse impresario, die veel geld bood voor een tournee in de Verenigde Staten van dit wonderkind. Onder druk van zijn pianoleraar, die bang was dat het talent zich door dit plan niet verder zou ontwikkelen, ging de tournee niet door. Johannes kreeg daarop gratis les van Eduard Marxsen, de beste pianoleraar van Hamburg. Brahms begon op zijn vijftiende volksliedjes te verzamelen en te bewerken en in 1851 had hij zijn eerste werk geschreven, het Scherzo in es-klein (opus 4). Vlak daarna volgden zijn pianosonates in C (opus 1) en in fis-klein (opus 2): werken die Robert Schumann later zou kwalificeren als 'versluierde symfonieën'. Na de dood van zijn moeder in 1866, een gebeurtenis die hem zeer aangreep, componeerde hij Ein deutsches Requiem, een oratorium over lijden en troost. Het complete werk van zeven delen ging onder leiding van Carl Reinecke op 18 februari 1869 in première in het Gewandhaus in Leipzig. Na Ein deutsches Requiem componeerde Brahms onder andere Rinaldo, een ander groot muziekstuk voor koor en orkest, gebaseerd op teksten van Goethe. In 1876 voltooide hij zijn eerste symfonie, een compositie-genre waaraan hij meer dan twintig jaar had gewerkt. Brahms dirigeerde ook veel, voornamelijk zijn eigen muziek, maar ook van Bach en koormuziek.


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

Frédéric Chopin in zijn overlijdensjaar 1849, één van de slechts twee bekende foto's van de componist.

Geretoucheerde foto: Louis-Auguste Bisson, very old and poor copy, completely restored and remastered by Amano1. Bron: Ernst Burger: Frédéric Chopin. München 1990, S. 323

Franz Liszt, ca. begin 1886.

Auteur: Thomas Goller. Bron: own work, private archiv of Weingut Steinmühle www.weingut-steinmuehle.de

Johannes Brahms, eind 19e eeuw.

Auteur: C. Brasch, Berlin.

Richard Wagner, Munchen, 1871.

Foto: Franz Hanfstaengl. Bron: fr:Image:RichardWagner.jpg, where the source was stated as http://www.sr.se/p2/opera/op030419.stm

Giuseppe Verdi, ca. 1870.

Auteur: Ferdinand Mulnier. Bron: Bonhams

Robert Schumann, Wenen, 1839.

Lithographie by Joseph Kriehuber.

TOP