App Wereld Ontdekkingsreizigers

Vitus Bering, James Bruce en Adrien de Gerlache

Info Contact Home

Vitus Jonassen Bering, James Bruce en Adrien de Gerlache. Ontdekkingsreizigers in de 18e en 19e eeuw. Bering ontdekt de ‘Beringstraat’ en Alaska, Bruce het ‘Tanameer’ in Ethiopië en De Gerlache overwinterd op Antarctica.

Vitus Jonassen Bering (1681–1741) was een Deense ontdekkingsreiziger die, in Russische dienst, de Beringstraat en Alaska ontdekte. Bering werd geboren in Horsens, in Jutland op Denemarken, maar kwam in dienst van de Nederlandse marine. Toen in 1704 tsaar Peter de Grote de Russische marine stichtte, stapte hij over naar Rusland, voer in de Zwarte Zee en de Zee van Azov en maakte zich tijdens de Grote Noordse Oorlog (1700-1721) verdienstelijk in de strijd tegen Zweden in de Oostzee. In januari 1725 kreeg Bering van tsaar Peter de Grote de opdracht om een expeditie naar het uiterste oosten van Siberië te leiden. Hij moest in Kamtsjatka(schiereiland in Oost-Siberië) de bouw van één of twee schepen leiden en deze gebruiken om noordwaarts te varen, naar de plaats waar volgens geruchten Azië en Amerika met elkaar verbonden zouden zijn. Peter stierf twee dagen later, maar Berings orders werden bevestigd door tsarina Catharina I, de vrouw van Peter, die hem opvolgde. Op 24 januari verliet Bering Sint-Petersburg. Belangrijke andere leden van de expeditie waren Martin Spanberg en Aleksej Tsjirikov. Het zou echter tot de lente van 1728 duren voor de oversteek van Siberië, de zee van Ochotsk en Kamtsjatka naar Nizjnekamtsjatsk voltooid was. In juli en augustus van dat jaar, voer hij noordwaarts vanuit Kamtsjatka, en hoewel hij door de Beringstraat voer, heeft hij Alaska op deze reis niet gezien; wel stelde hij vast dat Azië en Amerika niet door land verbonden waren.

In maart 1730 was hij in Sint-Petersburg terug. In 1733 kreeg Bering de leiding over een nieuwe expeditie, die als de "Grote Noordelijke Expeditie" bekend staat. Ook Tsjirikov en Spanberg waren weer van de partij. De plannen groeiden uiteindelijk uit tot een grootscheepse expeditie, met diverse onderdelen. Als onderdeel van deze expeditie trokken natuuronderzoekers door Siberië, werd de volledige noordkust van Siberië verkend en werden schepen uitgestuurd naar Japan. In 1741 werd uiteindelijk het hoogtepunt van de expeditie bereikt. Twee schepen, de Sv. Pjotr (heilige Petrus) onder Bering en de Sv. Pavel (Heilige Paulus) onder Tsjirikov, voeren eerst zuidoost en dan noordoost vanuit Kamtsjatka, op zoek naar (niet-bestaande) landen in de noordelijke Grote Oceaan en het Amerikaanse continent. Onderweg verloren beide schepen elkaar in een storm uit het oog. Bering bereikte de Golf van Alaska (deel Grote Oceaan ten zuiden van Alaska). Hij landde op Kayakeiland (onbewoond eiland in de Golf van Alaska) en voer langs het Kenai-schiereiland en Kodiakeiland. Gedeeltelijk de Aleoeten (eilandengroep tussen Alaska en Rusland, in het noorden van de Grote Oceaan) volgend, voer het schip terug naar Kamtsjatka, en landde uiteindelijk op Beringeiland. Bering en zijn bemanning (28 man) leden hier schipbreuk en stierven aan scheurbuik (pas in 1991 werden hun skeletten ontdekt). Zijn naam leeft voort in de Beringstraat, de Beringzee, het Beringeiland, de Beringgletsjer, het Vitusmeer en de Beringlandbrug.

James Bruce (1730-1794) was een Schotse ontdekkingsreiziger die in Ethiopië op zoek ging naar de bronnen van de Nijl. Bruce, een man uit een oud Schots geslacht, studeerde rechten in Edinburgh (Schotland). Hij trouwde op zijn 24e, maar 9 maanden later stierf zijn vrouw. Hierna begon hij te reizen. Hij reisde door Spanje, leerde Arabisch, Amharisch en Ge'ez (in Ethiopië gesproken talen), was consul-generaal in Algiers, en reisde verder door Noord-Afrika en het Midden-Oosten. In juni 1768 kwam Bruce aan in Alexandrië (Egypte). Zijn doel was Ethiopië en de bronnen van de Nijl. Hij voer de Nijl op tot aan Assoean (zuid Egypte), maar kon daarna wegens een lokale oorlog niet verder trekken. In plaats daarvan stak hij de woestijn over naar de Rode Zee. Vanuit Quseir voer hij door de Rode Zee om uiteindelijk in september 1769 in Massawa in het huidige Eritrea(zie afbeelding kaartje onderin) weer aan land te gaan. Met een klein gezelschap trok Bruce vervolgens landinwaarts, naar Gondar, de toenmalige hoofdstad van Ethiopië. Een van de merkwaardige dingen die hij zag op zijn reis, was dat de Ethiopiërs hun vlees uit een nog levende koe sneden om te eten, daarna de huid behoedzaam weer over de wond vastmaakten en de koe verder meevoerden.

In Gondar (Ethiopië) was een pokkenepidemie uitgebroken, en hoewel Bruce geen medische studie had genoten, deed hij zich tijdens zijn reis als dokter voor, op basis van kennis opgedaan tijdens zijn eerdere reizen. Hij werd dan ook gevraagd een aantal kinderen van de koninklijke familie te behandelen, en toen deze inderdaad beter werden, werd Bruce al snel populair. Ras Michael, de adviseur van koning Takla Haymanot en feitelijke heerser van het land, benoemde hem tot opperstalmeester, kamerheer en titulair gouverneur (eretitel zonder de uitvoerende macht) van de provincie Geesh. Uiteindelijk, in oktober 1770, kreeg Bruce toestemming om de tocht te maken, die eigenlijk het doel van de reis was: bij de stad Geesh vond hij de bron van de Blauwe Nijl (het Tanameer). Ook zag Bruce de Tisisat Watervallen, waarmee de Blauwe Nijl uit het Tanameer stroomt. Het duurde hierna nog meer dan een jaar voor de Ethiopiërs hem weer naar huis lieten gaan. In de tussentijd vocht hij mee in de strijd tussen regering en rebellen, waarbij hij de wreedheid van de oorlog betreurde. Bruce reisde, nadat hij toestemming had gekregen te vertrekken, naar de stad Sennar, toen, evenals andere steden in dit gebied, een onafhankelijk vorstendom.

Van hieruit zakte hij de Nijl verder af tot hij bij de grote westelijke bocht kwam. Deze wilde hij via de woestijn afsnijden, waarbij hij bijna van honger en ontberingen omkwam, maar uiteindelijk toch Assoean (Egypte) bereikte. Via Caïro en Frankrijk keerde Bruce naar Engeland terug. Bij aankomst in Engeland stak men de draak met hem. Sommigen, in het bijzonder Samuel Johnson, vertaler van het reisverslag van Jeronimo Lobo, een 17e eeuwse Jezuïet die Ethiopië bezocht, betwijfelden zelfs of hij ooit in Ethiopië was geweest. Bruce trok zich terug op zijn landgoed en hertrouwde. Pas toen hij in 1790 zijn 'Travels to Discover the Source of the Nile' uitbracht, kreeg hij waardering voor zijn reizen. Bruce beschouwde zichzelf als de ontdekker van de bronnen van dé Nijl, maar hij wordt niet als zodanig beschouwd. Wat hij ontdekte was de bron van de Blauwe Nijl: er zijn echter twee rivieren, de Blauwe Nijl en de Witte Nijl. Deze twee komen samen, in Khartoem (Soedan), en gaan verder als één rivier, dé Nijl. De Witte Nijl is duidelijk de grotere van de twee stromen, en het is dan ook de oorsprong van deze rivier die als de 'bron van de Nijl' wordt beschouwd. Bovendien was Bruce niet de eerste Europeaan die de bron van de Blauwe Nijl vond. De Spaanse Jezuïet Pedro Paez had dat reeds in 1618 gedaan. Wel breidde het werk van Bruce de Europese kennis van Ethiopië sterk uit, en actualiseerde deze.


Adrien Victor Joseph de Gerlache de Gomery (1866–1934) was een Belgische ontdekkingsreiziger en officier in de Belgische Koninklijke Marine. Hij leidde de Belgische Antarctische (Zuidpool) Expeditie van 1897-1899. Zijn gezelschap was het eerste dat overwinterde op de Zuidpool. De Gerlache werd geboren in Hasselt (België), en genoot een opleiding in Brussel, waar hij Toegepaste Wetenschappen studeerde aan de ULB (Vrije Universiteit) te Brussel. De vakanties sleet hij als kajuitjongen aan boord van trans-Atlantische (oversteek van Europa naar Amerika en terug) oceaanstomers. Na zijn afstuderen in 1885 ging hij bij de Belgische Marine. Nadat hij afstudeerde aan de Zeevaartschool te Oostende als eerste luitenant, werd hij gelegerd op de Belgique, een hydrografisch (meten en beschrijven van de waterbodem) schip. Tijdens zijn dienst daar, kwam hij met het idee een expeditie naar Antarctica (Zuidpool) te gaan ondernemen. In 1896 kocht de Gerlache het in Noorwegen gebouwde walvisschip Patria, dat na een uitgebreide verbouwing omgedoopt werd tot de Belgica. Met een multinationale bemanning vertrok hij vanuit Antwerpen op 16 augustus 1897. Aan boord was ook Roald Amundsen (latere bekende Noorse ontdekkingsreiziger in de poolgebieden. Hij was de eerste mens die de Zuidpool bereikte, 1911), die onbetaald wilde meereizen. In januari 1898 kwam de Belgica aan bij de kust van Grahamland. De Gerlache noemde de straat tussen de Grahamlandkust en westelijker gelegen strook eilanden, de Belgica Straat.

Later werd deze straat naar hem, de Gerlachestraat, genoemd. Na het in kaart brengen en naamgeven van enkele eilanden, stak de expeditie op 15 februari 1898 de zuidpoolcirkel over. Op 28 februari 1898 raakte het schip gevangen in het ijs. Hoewel de bemanning het uit alle macht weer vrij probeerde te krijgen, bleef het vastzitten. Tenslotte realiseerde de bemanningsleden zich, dat ze de winter op Antarctica zouden moeten doorbrengen. Enkele maanden later, op 17 mei, trad de totale duisternis in, wat zo bleef tot 23 juli. Hierna volgden nog zeven maanden, waarin de bemanning vruchteloos probeerde het schip uit het ijs te bevrijden. Verschillende zeelieden werden gek, onder wie een Belgische zeeman die het schip verliet en naar eigen zeggen 'terugkeerde naar België'. Uiteindelijk, op 15 februari 1899, konden ze het schip een klein kanaal binnentrekken, dat ze de weken ervoor hadden gegraven. Het duurde bijna een maand om ongeveer elf kilometer af te leggen. Op 14 maart lieten ze het ijs achter zich en op 5 november keerde het schip in Antwerpen terug. In 1901 werd De Gerlache's boek, 'Quinze Mois dans l'Antarctique' uitgegeven. Een jaar later werd het bekroond door de Académie Française.


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

TOP

+

+

+

+

+

+

+

+

Vitus Bering.

Bron: van ru wikipedia

Vitus Bering's expeditie vergaat op de Aleoeten (Aleutian Islands) in 1741.

Bron: 19th century illustration (according to Alamy pictures).

Het overlijden van Vitus Bering.

Auteur: Nikitin. Bron: M. A. Lyalina, Russkie moreplavateli arkticheskie i krogosvetnye, 2. Auflage, St. Petersburg 1898 (Helsinki University Library).

James Bruce, 1762.

 Schilder: Pompeo Batoni. Bron: nationalgalleries.org

Route van James Bruce.

Auteur: Andre Engels op een kaart van de CIA, vertaald door Danielm. Zie nl::File:Kaart Afrika(nl).jpg voor het origineel.

Titelpagina van het boek "Travels to Discover the Source of the Nile" door James Bruce, 1790.

Auteur: Robbot at Dutch Wikipedia

Sovjet (Rusland) herdenkingsmunt serie 250 jaar van de ontdekking van Amerika door: De packet-boot "Saint  Peter" en de kapitein-commandant Vitus Bering, 1741. (keerzijde 25 roebel).

Auteur: Госбанк СССР

Adrien de Gerlache (voor 1899)

Bron en fotograaf: onbekend