App Wereld Wereldgeschiedenis

Franse tijd

Franse tijd 1795-1813 en wat hieraan vooraf ging. In de zogenaamde ‘Franse tijd’ was de republiek der Nederlanden bezet door Frankrijk, en werd daarna het Koninkrijk Nederland.

Regenten: bestuurders van de Nederlandse steden in de 17e en de 18e eeuw, die steeds meer macht hadden verworven in de republiek der Nederlanden naast de "plaatsvervangend vorst", de stadhouder. De macht was in de steden in handen van regentenfamilies (rijke kooplieden), die vaak elkaar de mooie baantjes toespeelden. In de loop van de 17e eeuw ontstaan er diverse conflicten met de stadhouder. De macht van de regenten was het grootst tijdens het Eerste Stadhouderloze Tijdperk (1650-1672). Dat kwam door de plotselinge dood van stadhouder Willm II en gebrek aan een opvolger; op dat moment hadden de regenten het alleen voor het zeggen. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ontwikkelt zich in de loop van de zeventiende eeuw (Gouden Eeuw) tot één van de rijkste en machtigste naties van Europa. Aan de basis van deze macht staan dus de regenten. Leidende partij zijn de staatsgezinden tegenover de prinsgezinden. De regenten werden ondertussen steeds gemakzuchtiger; ze hadden het goed, waarom zouden ze ook maar iets veranderen? De eens zo oppermachtige vloot werd sterk verwaarloosd en rotte weg in de havens.

Rampjaar: het jaar 1672 staat in de Nederlandse geschiedenis bekend als het 'Rampjaar'. In dit jaar werd de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, voorganger van het huidige koninkrijk der Nederlanden, aangevallen door Engeland, Frankrijk, en de bisdommen Münster en Keulen. De binnengevallen legers versloegen het zwakke leger van de Republiek. Veel bestuurders die aan de kant van de tot dat moment leidende partij van de staatsgezinden stonden, werden gedwongen hun posities af te staan aan de prinsgezinden. De belangrijkste staatsgezinde regent was Johan de Witt. Samen met zijn broer Cornelis verloor hij in dit jaar niet alleen zijn ambt, maar ook zijn leven, toen ze door een woedende menigte werden vermoord. Het volk wenste de benoeming van de prins van Oranje Willem III als stadhouder. Hij zou het als zijn levenstaak zien om de Republiek en Europa te verdedigen tegen Franse aanspraken. In alle oorlogen van de Franse koning Lodewijk XIV, zouden de Nederlanders diens tegenstanders steunen.

Stadhouders: In 1702 (de functie van stadhouder was inmiddels erfelijk verklaard in de mannelijke lijn) overleed Willem III kinderloos. Omdat er geen opvolger in directe lijn was, ging de Republiek het Tweede Stadhouderloze Tijdperk in. Hieraan kwam een einde, nadat een Franse inval een crissituatie veroorzaakt had en steeds meer Hollandse gewesten de Friese stadhouder ook als de hunne benoemden. Eerst vanaf 1747 had de Republiek weer een stadhouder, de Friese stadhouder Willem IV, die daarvoor van Leeuwarden naar Den Haag verhuisde. In 1766 werd zijn zoon Willem V stadhouder. In 1781 - de Republiek was in oorlog met de Engelsen, vanwege wapensmokkel naar de opstandige Verenigde Staten - kwam er steeds meer kritiek op het functioneren van Willem V en op zijn raadgever, de hertog van Brunswijk. Het pamflet “Aan het Volk van Nederland” waarin een aantal zaken op een rijtje waren gezet, vond gretig aftrek. Willem V werd beschuldigd van heulen met de vijand: zijn oom George III, de koning van Engeland.

Patriotten: waren de aanhangers van een politieke stroming, die eind 18e eeuw aan het heersende absolutisme (absolute macht van de regenten en de vorst: stadhouder) een halt wilde toeroepen. Zij waren actief tussen 1782 en 1800 toen handelsbetrekkingen met de Verenigde Staten een grote rol speelden. De ideeën van de patriotten ontstonden in christelijke naar vernieuwing strevende kringen, om uitgesloten burgers bij bestuur en de politiek te betrekken. De patriotten raakten geïnspireerd door de Amerikaanse onafhankelijkheid in 1776 en waren daarom anti-Engels en pro-Frans. De patriotten wilden misstanden aan de kaak kunnen stellen, zoals regenten die onderling baantjes verdeelden. Maar ook om stadhouder Willem V, beschuldigd van willekeur, te kunnen controleren en in zijn naar absolutisme neigende macht te beperken. De Nederlandse patriotten wilden de oude vrijheid op de Oranjes heroveren en stadhouder Willem V vluchtte uit Holland. Met hulp van de Pruisen en de Engelse koning werd Willem V in zijn positie hersteld. Vele Nederlandse patriotten vluchtten naar Noord-Frankrijk.

Bataafse republiek: na de Franse revolutie vielen de Franse troepen in 1795 Nederland binnen. Zij bezorgden daarbij de patriotten, die samen met de Franse legers weer terugkeerden, alsnog de macht en vestigden de 'Bataafse Republiek'. Stadhouder Willem V vluchtte naar Engeland. In 1801 werd na een grondwetswijziging het 'Bataafs Gemenebest' ingesteld, als vervanging van de Republiek. Hoofdkenmerk hiervan was, een veel meer gecentraliseerd bestuur met een raadpensionaris (soort president) in 1805. Ondanks deze wijzigingen was de inmiddels in Frankrijk aan de macht gekomen Napoleon Bonaparte nog niet tevreden. In 1806 vormde hij het Bataafs Gemenebest (waaraan het Duitse Oost-Friesland werd toegevoegd) om tot het 'Koninkrijk Holland'. Napoleon stelde zijn broer Lodewijk aan als koning. Later werd die 'spottend' bekend als 'konijn van Olland', vanwege zijn sterke Franse accent waardoor konig klonk als konijn. Lodewijk Napoleon stelde de Nederlandse belangen vaak boven de Franse, waarmee hij onder de Nederlanders erg populair werd. Dat zinde Napoleon Bonaparte niet, en na een paar keer zijn broer te hebben gewaarschuwd, lijfde hij Nederland in 1810 in bij het 'Franse keizerrijk'.

Meer over de Franse tijd in ons museum vind je hier




Einde van het Koninkrijk Holland

Op een wintermiddag in januari 1807 ontplofte een schip volgeladen met buskruit in het centrum van Leiden (alleen het anker werd teruggevonden). Koning Lodewijk spoedde zich nog dezelfde dag naar de plaats des onheils. Honderden huizen waren weggevaagd, een hele schoolklas was onder het puin bedolven en tussen de ruïnes trof hij de verdwaasde slachtoffers aan. De vorst trad doortastend op en zette de koninklijke garde onmiddellijk aan het werk om het puin te ruimen, coördineerde de reddingswerkzaamheden, gaf bakkers in Delft opdracht brood te bakken voor de slachtoffers, ontbood zijn hofchirurg in Leiden en liet Paleis Huis ten Bosch als hospitaal voor de gewonden inrichten. Hij verbood het vervoer van buskruit door dichtbevolkte plaatsen en richtte een rampenfonds op.

Einde van het Koninkrijk Holland: in 1810 lijfde Napoleon Bonaparte Nederland in bij zijn Franse Keizerrijk en vluchtte Lodewijk naar Wenen. De Franse tijd eindigde toen Napoleon in 1813 werd verslagen en afstand deed van de troon.

De betekenis van de patriottenbeweging moet niet worden onderschat. Van orangistische (prinsgezinden) zijde werden de patriotten als landverraders afgeschilderd, vanwege hun heulen met Frankrijk.

Echter, veel van de ideeën uit de Franse Revolutie, zoals de eenheidsstaat, scheiding van kerk en staat, gelijkberechtiging en kritiek op slavernij (afschaffing slavenhandel 1814), werden tijdens de Bataafse Republiek verwezenlijkt.

De hervormingen zijn tijdens het Koninkrijk Holland verder uitgewerkt. Lodewijk Napoleon verplaatste in 1808 de hoofdstad van het land van Den Haag naar Amsterdam, waar hij zich vestigde in het Paleis op de Dam, toen nog het stadhuis van Amsterdam. Op cultureel gebied was Lodewijks nalatenschap ook zeer belangrijk. De koning trachtte de Nederlandse kunsten en wetenschappen te bevorderen. Dit deed hij onder andere door de instelling van het Koninklijk Instituut van Wetenschappen (de latere Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) en de Koninklijke Bibliotheek. Ook gaf hij de aanzet tot de oprichting van het Rijksmuseum. Lodewijk verklaarde in 1808 alle religies wettelijk gelijk en nam doelbewust joden op in zijn ambtenarenapparaat.

Op last van de vorst gaven de protestanten uiteindelijk enkele godshuizen terug aan de katholieken.

Info Contact Home TOP Regenten van het Proveniershuis in Haarlem. Schilder: Frans Decker in 1736. Bron: Netherlands Institute for Art History, under the reference 22219

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

Johan en Cornelis de Witt in 1672.

Auteur: Romeyn de Hooghe. Bron: Aad Engelfriet's blog

Lodewijk Napoleon Bonaparte, Koning van Holland, 1809.

Schilder: Charles Howard Hodges. Bron: Rijksmuseum Amsterdam.

Regenten van het Proveniershuis in Haarlem.  

Schilder: Frans Decker in 1736. Bron: Netherlands Institute for Art History, under the reference 22219

Lodewijk Napoleon bezoekt de slachtoffers van de kruitramp in Leiden, 1807.  

 Schilder: Carel Lodewijk Hansen. Bron: Rijksmuseum Amsterdam

Spotprent op Willem V, in 1796 verschenen in Engeland.

Auteur: James Gillray. Bron: Library of Congress, Prints & Photographs Division, LC-USZC4-8765


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

Industriële revolutie        - Democratie -