App Wereld Historische mannen en vrouwen

Thomas Huxley

Thomas Huxley (Thomas Henry Huxley) (1825 - 1895) was een Engelse bioloog, die door zijn verdedigingen van de evolutietheorie de bijnaam Darwin's Bulldog kreeg. Hij was ook een belangrijk aanhanger van agnosticisme*, hij verzon de naam van die stroming zelf.

Hij studeerde medicijnen aan de Universiteit van Londen waar hij afstudeerde in fysiologie en anatomie. In 1845 schreef hij zijn eerste wetenschappelijke publicatie over zijn ontdekking van een laag in de doorsnee van haren, die sindsdien bekendstaat als Huxley's laag.

Van 1846 tot 1850 werkte hij als scheepsarts bij de Britse marine. Tijdens zijn scheepsreizen bestudeerde hij ongewervelde zeedieren.

Zijn wetenschappelijk werk gaf hem bekendheid en in 1850 werd hij gekozen tot Fellow of the Royal Society. Het jaar daarop volgde een onderscheiding met de Royal Medal. Hij kon in naam in dienst van de marine blijven zo lang hij onderzoek deed naar materiaal dat hij op zijn reizen verzameld had, wat hem de tijd gaf onderzoek te doen.

In 1854 nam hij ontslag om les te gaan geven aan het Imperial College en tegelijkertijd in dienst te treden bij de Britse geologische dienst. Hij deed in deze tijd ook onderzoek naar de menselijke schedelstructuur.

In 1859 verscheen Charles Darwins boek The Origin of Species. Huxley had eerder niets van Jean-Baptiste de Lamarcks lamarckisme moeten weten, omdat er volgens hem geen bewijs voor was. Hoewel hij vond dat Darwins evolutietheorie ook nog meer bewijs nodig had, zag hij hier wel wat in. Al snel was hij een van de bekendste voorstanders van evolutie.

Door zijn vroegere onderzoek naar menselijke schedels werd hij erg gegrepen door wat de evolutietheorie voor de mens betekende. Huxley concludeerde dat de mens een diersoort was, die nauw verwant was aan de apen. Hij was daarin een tegenstander van Richard Owen, die beweerde dat de mens een uitzonderlijke plaats inneemt door de vorm van de hersenen. Dit was in tegenspraak met anatomisch bewijs en Huxley won het debat met Owen glansrijk. In 1863 zette hij zijn ideeën over de verwantschap van de mens met apen uiteen in zijn boek Evidence as to Man's Place in Nature.

In 1869 stichtte hij met andere darwinisten het wetenschappelijke tijdschrift Nature. Huxley was een begaafd redenaar. Door zijn essays, openbare discussies en redes zorgde hij ervoor dat wetenschappelijke discussies ook bij het grote publiek gingen leven.

De laatste jaren

Vanaf 1870 was Huxley te druk met publieke taken om nog veel tijd aan de wetenschap te besteden.

Van de Royal Society was hij secretaris van 1871 tot 1880 en president van 1883 tot 1886. Hij zat in de Privy Council vanaf 1892. Hij hield zich verder bezig met adviseren van het onderwijs.

In tegenspraak met zijn eigen agnostische ideeën adviseerde hij dat op scholen les moest worden gegeven in de Bijbel, omdat hij dacht dat dit een goede manier was om ethisch bewustzijn bij te brengen.

Huxley werd onderscheiden met de Wollaston Medal in 1876 en de Linnean Medal in 1890. In 1888 kreeg hij de Copley Medal, in 1894 de Darwin Medal.

Vanaf 1885 ging zijn gezondheid achteruit. In 1890 verhuisde Thomas Huxley naar Eastbourne waar hij in 1895 op zeventigjarige leeftijd overleed.

*Agnosticisme

Het agnosticisme is de filosofische leer dat kennis van religieuze ideeën over vermeende bovennatuurlijke verschijnselen onmogelijk is, omdat deze niet (met de wetenschappelijke methode) te bewijzen zijn.

In de negentiende eeuw ontstond de term agnosticisme als noemer voor de overtuiging dat de kenbare werkelijkheid geen aanleiding geeft om het bestaan van God te veronderstellen.

Een aanhanger van het agnosticisme is een agnost of agnosticus, meervoud agnosten respectievelijk agnostici.

Het woord is afgeleid van het Griekse gnosis (kennis) met het voorvoegsel a- (niet, on-). Letterlijk is een agnost dus "iemand die geen kennis heeft", die zegt geen kennis te (kunnen) bezitten over de vraag of er een god is of niet.

Later legde hij in detail uit wat hij bedoelde met de term, onder andere in het essay Agnosticism (1889); Huxley beschrijft zichzelf als iemand die een redelijke sterke overtuiging heeft dat de vraag of er een God is of niet, "onoplosbaar" is, omdat het antwoord op die vraag volgens hem onkenbaar is.

Info Contact Home


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

+

+

+

+

De bekende tekening uit “Evidence as to Man's Place in Nature”, waarin Huxley aan de hand van overeenkomsten tussen skeletten de verwantschap tussen apen en de mens wil tonen.

Auteur: Benjamin Waterhouse Hawkins. Bron: Frontispiece to Huxley's Evidence as to Man's Place in Nature (1863)

Thomas Henry Huxley, 1874.

Bron: Carte de Visite Fotografie.

Jheronimus Bosch