Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

App Nederland Ontdekkingsreizigers

Peter Stuyvesant

Info Contact Home

In 1626 hadden Europeanen Indianen overvallen en een Indiaanse familie vermoord. In 1641 vermoordde een Wecquaesgeek-Indiaan als wraak een kolonist in Nieuw-Amsterdam. Daarop voert de gouverneur van Nieuw-Nederland Willem Kieft, tegen het advies van een raad van twaalf prominenten in, van 1643-1645 de buitengewoon bloedige "Oorlog van Kieft" tegen de Wecquaesgeeks, een stam van de Wappinger-Indianen. In totaal worden in die drie jaar 1600 Indianen gedood.

In 1652 richtte Peter Stuyvesant, directeur-generaal van de kolonie sinds 1647, per decreet (verordening -bevel-) de stad Beverwijck op, nabij Fort Oranje, in een poging de invloed van Rensselaerswijck, een Amsterdamse diamanthandelaar die als patroon -bestuurder- een subkolonie ( zelfstandige kleinere kolonie binnen een grote landskolonie) rond Fort Oranje in eigendom beheerde, in te perken. Tegenwoordig is deze stad de hoofdstad van de staat New York, bekend onder de naam Albany.

De beverhandel die in dat gebied floreerde was de economische motor achter het succes van de stad. In korte tijd ontstond er een gemeenschap met zaagmolens, steenbakkerijen en tegelbakkerijen. De stad had een eigen rechtbank (schepenbank) die op dezelfde manier functioneerde als die in Nieuw-Amsterdam en Nederland. In 1664 was deze stad de tweede van de kolonie.

Het succes van Stuyvesant bracht de kolonie in het vaderland in een nog positiever licht. Het stadsbestuur van Amsterdam besloot in de kolonie een stad te stichten: Nieuw-Amstel (tegenwoordig New Castle in Delaware). In 1664 voer een Britse vloot de haven binnen en nam de provincie voorwaardelijk in. In 1667 werd, na de Tweede Engels-Nederlandse Oorlog, bij de Vrede van Breda ervan afgezien te eisen dat de Engelsen Nieuw-Nederland zouden ontruimen; daar stond tegenover dat de Nederlanders in bezit bleven van Brits Guyana in Zuid-Amerika, dat ze in 1667 helemaal bezet hadden. Dit gebied kennen we nu als Guyana en Suriname. In 1673 wist Cornelis Evertsen de Jongste tijdens de Derde Engels-Nederlandse Oorlog de provincie te heroveren. Bij de vrede van Westminster op 10 november 1674 werd het gebied echter definitief overgedragen aan de Engelsen die het New York noemden naar de Hertog van York. Van augustus 1674 tot medio 1675 had de republiek iets noordelijker nog kortstondig het gebied Acadië in bezit en dit werd Nieuw-Holland genoemd. In 1676 werd hiervoor nog Cornelis van Steenwijck tot gouverneur benoemd en een poging tot herovering gedaan. Dit waren de laatste acties van de West-Indische Compagnie in dit gebied al zou de republiek pas in 1678 de aanspraak op Acadië opgeven.


Vooraf

Als domineeszoon werd Stuyvesant als Petrus Stuijfsande in 1629 ingeschreven aan de Universiteit van Franeker, maar hij nam in het begin van de jaren dertig dienst bij de West-Indische Compagnie. Vanaf 1639 was hij gestationeerd op Curaçao, van welke kolonie hij in 1643 directeur werd. In die hoedanigheid voerde hij het bevel over de zogenaamde 'ABC-eilanden': Aruba, Bonaire en Curaçao. Hij verloor een been tijdens een gevecht tegen de Spanjaarden op Sint Maarten en droeg voor het grootste deel van zijn volwassen leven een houten been. Hij stierf in 1672 in New York.



Peter Stuyvesant als gouverneur


In 1645 werd Peter Stuyvesant verkozen om in Nieuw-Amsterdam de vorige gouverneur (Willem Kieft) te vervangen. Hij slaagde erin de stad te beschermen tegen aanvallen van Indianen en het gebied uit te breiden, onder meer met land dat bekendstond als Nieuw-Zweden. Onder zijn strenge regime heerste er geen volledige godsdienstvrijheid. Hij kwam in aanvaring met de quakers (religieuze groepering) nadat hij hun jeugdige predikant Robert Hodgson publiekelijk een lijfstraf had opgelegd. Daarna vaardigde hij een decreet uit dat eenieder die onderdak verschafte aan quakers beboet en bestraft kon worden. Dit leidde tot protesten van de inwoners van Flushing (Vlissingen) in Queens. Hun protest staat bekend als de Remonstrantie van Vlissingen en was volgens sommigen een belangrijke voorloper van de grondwettelijke godsdienstvrijheid in de VS. Ook joodse immigranten onthield hij rechten. Er woonden al joden met Amsterdamse paspoorten in Nieuw-Amsterdam toen een volgende groep joden uit Brazilië arriveerde, die geen identiteitspapieren bezat. Door de WIC werd Stuyvesant gedwongen hen toe te laten, maar hij stond niet toe een synagoge te bouwen. Van Stuyvesant zijn antisemitische uitspraken opgetekend. Hij schreef dat Joodse kolonisten niet dezelfde rechten mochten krijgen als de Joden in Nederland, omdat anders minderheidsgroepen zoals katholieken zich zouden aangetrokken voelen door de kolonie. In 1664 zond Karel II een vloot van vier schepen met 450 manschappen onder Richard Nicolls naar Nieuw-Amsterdam, die de overgave aan Engeland eisten. Stuyvesant tekende voor de overgave op 9 september 1664. De inwoners van de stad, die New York ging heten, werd vrijheid van godsdienst gegarandeerd.

+

Ontdekkingsreizigers Indië

Portret van Peter Stuyvesant, ca.1660.

In het New-York Historical Society (museum) RKDimages, Kunstwerknummer 127122